Vanuit Groningen met een brencarrier  naar de Bunkerdagen in Olst 

0
255

Nico Wolters (35) kwam er zelfs voor uit Groningen met zijn 80 jaar oude brencarrier “Niet over de weg, maar wel op een aanhanger”, naar de Bunkerdagen in Olst. De Britse Universal Carrier, ook bekend onder de naam brencarrier, was een licht bepantserd rupsvoertuig met een totaal gewicht van ca. 4 ton. Het werd vanaf 1934 gemaakt. De brencarrier is een belangrijk voertuig geweest, zeker ook in de periode van de politionele acties in Indië. In totaal heeft de Koninklijke Landmacht er 1.100 gehad die van 1944 tot 1957 zijn gebruikt. Er zijn er nu nog maar tien in Nederland.

Op het weiland voor de Haere stonden dit weekend zo’n tientallen legervoertuigen van de DPA “Dutch Peace Army” opgesteld. Dat is een vereniging die zich bezighoudt met het verzamelen en restaureren van militaire voertuigen, welke ouder zijn dan 25 jaar. 

Op het weiland voor de Haere was een heel kampement door de DPA opgebouwd

Iets verderop en goed gecamoufleerd onder de bomen was het bivak van de groep re-enactors van Spreewalders te vinden die de Nationale Volksarmee van de toenmalige DDR weer tot leven brachten.

Een ”genosse” van Nationale Volksarmee speelt het Volkslied van de DDR in de bossen van landgoed de Haere

Bij de inlaatsluis kon men de apparatuur van de verbindingsdienst bewonderen en op de Terp draaide het Bofors luchtdoelkanon de hele dag zijn rondjes. Al met al een heel schouwspel dat het hele weekeinde duurde en volgens de organisatie Stichting de IJssellinie honderden bezoekers trok.

Het Boforskanon trok veel publieke belangstelling

Tot in de jaren vijftig is de aanname dat het Rode Leger zich met een overmacht aan tanks via de Noord-Duitse laagvlakte en het Ruhrgebied een weg zal vechten naar de Kanaalkust om daar alle havens in te nemen. Binnen een dag of vijf na het begin van de strijd kunnen de Russen al aan de Nederlandse grens staan. Maar alleen Nederland beneden de grote rivieren zal voor de Russen interessant zijn. Wel zullen ze proberen de IJssel over te steken, als beveiliging voor de hoofdmacht.

Dat ‘rode gevaar’ leidde beginjaren 1950 tot het plan om een waterlinie te realiseren van Kampen tot aan Millingen aan de Rijn. In het geval van een Russische aanval zou het gebied van de IJssel tot de Rijn onder water gezet worden om de aanvallers op te houden. Zo had men wat extra tijd om via de havens van Amsterdam en Rotterdam troepen uit het buitenland aan te voeren en hopelijk de opmars tot staan te brengen.

Dit project, de zogenoemde IJssellinie, kwam gereed in 1953 en bleef operationeel tot 1963. Vanuit historisch, militair en praktisch perspectief was de IJssellinie – die naar verluidt is bedacht door staatsecretaris Joop Haex (1911-2002) – geen doordacht plan. Typerend genoeg was dat generaal  Montgomery bij het zien van de IJssel ‘I can jump over it’ schamperde. 

Gezicht vanuit Welsum op de stuw van de IJssellinie tussen Deventer en Olst, op de achtergrond is de waterinlaat onder de Rijksstraatweg N337 te zien.

Echt praktisch was het ook niet. Want hoe houd je een 127 kilometer lange verdedigingslinie geheim? Het handjevol lokale bunkers met wat luchtafweergeschut en in beton gegoten tanks kon de tekortkomingen van het IJssellinie-plan niet compenseren.

Vandaag de dag zijn nog enkele Ram tankkoepels langs de openbare weg zichtbaar, zoals hier aan de Puinweg in Olst

Toen in 1955 de Bondsrepubliek Duitsland toetrad tot de NAVO, kwam het verdedigingsgebied veel oostelijker te liggen. De IJssellinie verloor haar defensieve functie en werd in 1963 ontmanteld. In haar tienjarig bestaan was ze driemaal in staat van paraatheid gebracht, maar nooit ingezet. 

“Het is het streven om een keer in de drie jaar de Bunkerdagen te organiseren aldus Ruud Steenbakker van de IJsselinie, ”dat wordt dan in 2025, gelijk met de viering van 80 jaar vrijheid”.


LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in