Ruim 40 procent van de gemeenten mist een inclusieve speelplek voor alle kinderen

Leestijd: 2 minuten

In ruim 40 procent van de Nederlandse gemeenten is nog geen speelplek waar kinderen met en zonder handicap samen kunnen spelen. Inmiddels hebben 200 gemeenten minimaal één zogenoemde Samenspeelplek. Dat blijkt uit cijfers van het SamenSpeelFonds. Jantje Beton en Stichting het Gehandicapte Kind roepen gemeenten en andere organisaties op om meer werk te maken van inclusief spelen. Binnen de regio Salland is hierin een duidelijke tweedeling zichtbaar: Deventer en Raalte lopen landelijk gezien voorop, terwijl Olst-Wijhe achterblijft.

Voor veel kinderen met een handicap is buitenspelen nog niet vanzelfsprekend. Volgens de organisaties is slechts 60 procent van de gemeenten in Nederland in het bezit van een inclusieve Samenspeelplek. Daarnaast zijn negen op de tien bestaande speelplekken nog onvoldoende sociaal en fysiek toegankelijk voor kinderen met een handicap.

Kleine aanpassing, groot verschil
Een speelplek hoeft volgens het SamenSpeelFonds niet volledig opnieuw ingericht te worden om toegankelijker te worden. Zo kunnen toegankelijke paden, bereikbare speeltoestellen en voldoende ruimte voor kinderen met een beperking al verschil maken. Ook speeltoestellen waarop kinderen met en zonder handicap samen kunnen spelen, dragen bij aan meer ontmoeting.

Dit verschil is in de regio al goed merkbaar. In Deventer wordt de landelijke norm behaald dankzij de inclusieve inrichting van Speeltuin De Driehoek, die volledig rolstoeltoegankelijk is en over aangepast sanitair beschikt. Ook de gemeente Raalte zette onlangs een grote stap met de realisatie van Samenspeelplek De Brink in de dorpskern.

In Olst-Wijhe ontbreekt echter momenteel nog een grote, officieel geregistreerde samenspeelplek. De gemeente zet wel lokaal in op natuurlijke speelplekken, maar een gecertificeerd inclusief terrein blijft nog afwezig. Lokale initiatiefnemers of de gemeente kunnen via het verruimde SamenSpeelFonds tot €25.000 subsidie aanvragen om hier verandering in te brengen.

93 procent meer bezoekers
Uit onderzoek onder initiatiefnemers van Samenspeelplekken blijkt dat op 93 procent van de aangepaste locaties meer bezoekers en spelende kinderen komen. Op zeven van de tien samenspeelplekken spelen bovendien meer kinderen met en zonder beperking samen.

Dat verschil merkt ook de moeder van de 9-jarige Mason. Zij vertelt dat haar zoon vanwege zijn beperking eerder vooral vanaf de zijlijn toekeek. Na jaren inzet kwam er in hun buurt een Samenspeelplek met onder andere een verhard pad en toegankelijke speeltoestellen. Daardoor kan Mason de speeltoestellen zelfstandig bereiken en samen met andere kinderen spelen.

Per gemeente één Samenspeelplek
Jantje Beton en Stichting het Gehandicapte Kind willen uiteindelijk dat iedere gemeente in Nederland minimaal één Samenspeelplek heeft. Daarbij gaat het volgens de organisaties niet alleen om de inrichting van een speelplek. Ook activiteiten en samenwerking met bijvoorbeeld scholen, buurtcoaches en andere lokale organisaties zijn belangrijk om kinderen daadwerkelijk samen te laten spelen.

Via het SamenSpeelNetwerk kunnen gemeenten en initiatiefnemers kennis, advies en voorbeelden krijgen. Het SamenSpeelFonds kan daarnaast financieel bijdragen aan het realiseren van een samenspeelplek.

Van de 200 gemeenten die inmiddels minimaal één Samenspeelplek hebben, zijn er 100 mede mogelijk gemaakt met ondersteuning van het SamenSpeelFonds.

Ook Interessant:

Volg jij Salland1 al?

2,014FansLike
2,285VolgersVolg
2,074VolgersVolg
4,008AbonneesAbonneer