Salland wil landbouw veranderen, maar de boer moet wel mee kunnen

Leestijd: 4 minuten

De landbouw in Salland moet veranderen. Dat is de duidelijkste lijn uit de enquête die HierInSalland en Salland1 vorige maand hielden over de landbouwtransitie. Veel van de ruim honderd deelnemers willen sneller naar natuurinclusieve, regeneratieve of biologische landbouw, én vinden tegelijkertijd dat boeren perspectief en een goed inkomen moeten houden. Ook over wie de rekening van die verandering moet betalen is het oordeel opvallend duidelijk: niet de boer alleen, maar wij allemaal.

Op de vraag of de landbouw in Salland ingrijpend moet veranderen om toekomst te houden, antwoorden 55 mensen dat daar snel mee moet worden begonnen. Nog eens 29 willen die verandering ook, maar geleidelijk en met voldoende tijd en zekerheid voor boeren. Samen zijn dat 84 van de 111 deelnemers. Twintig deelnemers vinden dat boeren vooral zelf moeten kunnen bepalen hoe zij hun bedrijf voeren en zeven vinden dat de landbouw grotendeels kan blijven zoals die is. Niemand koos voor ‘ik weet het niet’.

Ook bij de boerenprotesten is het beeld genuanceerder dan een simpele tegenstelling tussen boer en natuur. Dertig deelnemers vinden dat de boeren groot gelijk hebben en dat de stikstofmaatregelen van tafel moeten. Dertien begrijpen het protest, maar vinden wel dat de landbouw moet veranderen. Een groep van 31 begrijpt de zorgen van boeren, maar niet het verzet tegen noodzakelijke veranderingen. De grootste groep, 36 deelnemers, zegt het niet eens te zijn met de protesten en vindt veranderingen hard nodig. Slechts één deelnemer weet het niet. Wie de middencategorieën meetelt, ziet dus naast stevige kritiek op de protesten ook behoorlijk wat begrip voor de positie waarin boeren terecht zijn gekomen.

Waar moet die verandering dan toe leiden? Natuur en biodiversiteit herstellen wordt met 40 antwoorden het vaakst genoemd als belangrijkste doel. Een goed inkomen en toekomst voor boeren volgt met 30 antwoorden. Minder intensieve veehouderij krijgt 23 stemmen. Veel minder deelnemers kiezen voor meer voedsel produceren voor Nederland en de eigen regio (3) of het beter bestand maken van de landbouw tegen droogte en klimaatverandering (5). Tien deelnemers noemen een ander doel. Opvallend is daarmee dat natuur én het boereninkomen bovenaan staan. De deelnemers lijken die twee niet automatisch als tegenpolen te beschouwen.

Dat blijkt nog sterker uit de vraag wie de omschakeling naar een duurzamere landbouw moet betalen. Niet alleen de overheid, zeggen vijf deelnemers. Niet alleen supermarkten en voedingsindustrie, zeggen acht. Ook niet alleen wij als consumenten via hogere voedselprijzen: eveneens acht. En zeker niet alleen de boeren zelf, waarvoor maar vijf mensen kiezen. Veruit de grootste groep, 64 deelnemers, zegt: alle partijen samen. Achttien vinden overigens dat zo’n omschakeling helemaal niet nodig is en twee weten het niet. De uitkomst lijkt daarmee ook een boodschap aan de niet-agrarische samenleving: wie iets anders van boeren verlangt, zal niet kunnen volstaan met regels voorschrijven en vervolgens verwachten dat de boer de rekening betaalt.

Ook bij de vraag wat er moet gebeuren als een boerenbedrijf door overheidsbeleid niet op dezelfde manier verder kan, is er veel steun voor compensatie. Van de 111 deelnemers vinden 25 dat zo’n boer volledig schadeloos moet worden gesteld. 41 vinden dat dit moet gebeuren als stoppen of omschakelen aantoonbaar noodzakelijk is en 33 kiezen voor gedeeltelijke schadeloosstelling. Acht zeggen nee en vier weten het niet. Daarmee vindt een zeer ruime meerderheid dat er in ieder geval een vorm van vergoeding tegenover gedwongen verandering moet staan.

Maar welke landbouw willen de deelnemers dan terugzien? Daar springt één antwoord eruit. 46 deelnemers kiezen voor meer natuurinclusieve of regeneratieve landbouw. Twintig willen meer biologische landbouw. Dertien kiezen voor een combinatie van verschillende vormen. Negen willen de huidige landbouw behouden en vooral met techniek verduurzamen en vijf kiezen voor meer kleinschalige familiebedrijven. Slechts twee deelnemers willen ruimte houden voor grootschalige, intensieve landbouw. Tegelijkertijd zeggen veertien deelnemers dat er wat hen betreft niets wezenlijks hoeft te veranderen. Ook hier is dus geen volledige eensgezindheid, maar de beweging richting een andere landbouw is binnen deze groep deelnemers aanzienlijk groter dan de wens alles bij het oude te laten.

De open vraag maakt zichtbaar hoeveel verschillende gedachten achter die cijfers schuilgaan. Daar staan reacties als „laat de boeren boeren” en „ze vooral met rust laten” tegenover oproepen om de intensieve veehouderij af te bouwen, snel biologisch te gaan boeren en afscheid te nemen van de grootschalige industriële landbouw. Sommige deelnemers willen onmiddellijk ingrijpen, anderen waarschuwen juist dat boeren niet door beleid mogen worden ‘uitgerookt’. Die tegenstelling loopt door bijna honderd reacties heen. Maar daartussen verschijnt ook veel gemeenschappelijke grond. Deelnemers noemen een goed boereninkomen, een eerlijke prijs voor voedsel, toekomst voor jonge boeren, herstel van landschap en biodiversiteit en het belang van overleg met boeren. Eén deelnemer stelt voor veel meer contact tussen burgers en boeren te organiseren en samen proeven en projecten op te zetten; een ander wil samen met boeren een plan maken waarin ook de financiering van hun toekomst geregeld wordt.

Opvallend vaak komt ook de positie van de boer in de voedselketen terug. Een deelnemer schrijft dat duurzame landbouw vooral lonend moet worden. Een ander legt de verantwoordelijkheid nadrukkelijk bij ons als consument: als we biologisch willen eten, moeten we bereid zijn daarvoor te betalen. Weer anderen wijzen naar supermarkten, agro-industrie, export en importproducten die onder andere omstandigheden zijn geproduceerd. In verschillende bewoordingen komt steeds dezelfde vraag terug: kunnen we van boeren verlangen dat ze anders gaan produceren als wij ondertussen in de supermarkt vooral naar de prijs blijven kijken?

‘Salland’ is dus niet voor of tegen, maar stelt vaak twee wensen naast elkaar: De landbouw moet veranderen én er moet toekomst zijn voor de boer. Natuur en biodiversiteit moeten herstellen én boeren moeten een goede boterham kunnen verdienen. En als de samenleving die verandering verlangt, vinden veel deelnemers dat de samenleving daar ook verantwoordelijkheid voor moet nemen.

Ook Interessant:

Volg jij Salland1 al?

2,014FansLike
2,285VolgersVolg
2,074VolgersVolg
4,008AbonneesAbonneer