Inwoners van Overijssel denken mee over de landbouw

‘Ik lees regelmatig over de uitdagingen waar boeren mee te maken hebben, maar ik heb er nog nooit eentje gesproken. Toch heb ik wel een mening als consument.’ Een raadpleging van Natuur en Milieu Overijssel onder 13.000 inwoners van Overijssel leert dat veel mensen zo denken. De afstand tussen boer en burger blijkt vrij groot, maar eten doen we allemaal en bijna iedereen begrijpt dus wel dat we ook zelf iets aan de landbouw zouden moeten doen. Al was het maar omdat we een mooi landschap willen, met kruidenrijke weiden, weidegang voor koeien en bloemrijke akkerranden als bijenlinten. Men toont begrip voor de situatie waarin veel boeren zich bevinden. ‘Onze boeren hebben het niet makkelijk,’ merkt iemand op. ‘Met een kleine moestuin weet ik hoe moeilijk het is iets te verbouwen in deze klimaatsverandering.’ En heel veel mensen geven toe dat ze ook wel weten wat ze zelf kunnen doen. De burgerbeweging draagt graag een steentje bij.

Toch spelen burgers binnen het publiek discours (en het politieke krachtenveld) rond de transitie van de landbouw tot op heden nauwelijks een rol van betekenis. Het is ook vrij onduidelijk hoe deze burgers kunnen worden aangesproken en betrokken. Dat is een gemis. Want de stille meerderheid van burgers erkent dat er problemen zijn en wil graag in goede sfeer tot oplossingen en tot transitie komen. De raadpleging van Natuur en Milieu Overijssel leert dat men zelf ook ideeën heeft, van wat we zelf kunnen doen.

Eerlijke prijzen
‘Als eerste zou ik zeggen dat ons voedsel veel te goedkoop is. Wij zullen als burgers bereid moeten zijn om meer te betalen voor ons voedsel.’ Wetenschappers van de Universiteit van Augsburg, in Duitsland, hebben onlangs uitgerekend hoe duur ons eten zou zijn als de effecten van stikstof, klimaatgassen, energie en veranderingen in landgebruik in de verkoopprijs zou worden meegenomen. Bij acht onderzochte voedingsmiddelen (appel, banaan, aardappel, tomaat, mozzarella, Goudse kaas, melk en gemengd gehakt) zou de prijs per kilogram gemiddeld met zo’n 62% moeten stijgen. Dat is slecht nieuws voor mensen die nu al moeilijk kunnen rond kunnen komen. En toch komen we er, volgens velen, op termijn niet onderuit.

Voedselverspilling tegengaan
Gelukkig is het tegengaan van voedselverspilling een veelgenoemde actie, waarmee de pijn van prijsstijging weer iets verzacht kan worden. Nederlandse huishoudens verspilden vorig jaar gemiddeld 34,3 kg eten per persoon per jaar aan vast voedsel (inclusief dikke vloeistoffen en zuivel). Als je bedenkt dat iedere aardappel die verspild wordt, eerst met veel inspanning en druk op het milieu geproduceerd is, wordt duidelijk hoeveel winst hier te behalen is.

Duurzaam inkopen
Als iedereen meer duurzaam geproduceerd voedsel zou kopen, komt de transitie van de landbouw snel dichtbij. De klant is koning, wordt gezegd. Veel mensen beseffen goed dat deze ‘macht’ van de consumenten een deel van de oplossing kan zijn. We zijn van goede wil, en zien wel in dat de landbouw moet verduurzamen. Al is de afstand tussen droom en daad helaas nog erg groot. Daarin speelt mee dat Nederlanders relatief weinig tijd en geld voor voedsel over hebben. Dat zit een beetje in onze volksaard. We geven ons geld liever uit aan kleren, auto’s en vakanties. Mogelijk is juist op dit punt veel te winnen.

Natuur en Milieu Overijssel

Als Natuur en Milieufederatie zien we dat we, op diverse onderdelen, op het goede spoor zitten met lopende projecten als ‘Land van Waarde’, ‘Jong Leren Eten’, ‘LivingLab Natuurinclusieve landbouw Overijssel’ en ‘Valuta voor Veen’, en onze betrokkenheid bij het nieuwe keurmerk ‘On the way to Planet Proof’. Aanvullend zullen we, in respons op alle reacties, ons sterker maken voor betrokkenheid van burgers bij de voedselvoorziening, zowel in woord (binnen het debat), als daad (rond concrete initiatieven), in samenspraak met boeren. Op dit vlak valt enorm veel te winnen.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie