Huis-aan-huisblad: nog steeds belangrijke bron van nieuwsvoorziening?

Anna (anoniem) zit gespannen te wachten op het geklepper van haar brievenbus. Het is weer een nieuwe week, en dat betekent dat de folders en huis-aan-huiskranten weer op de deurmat vallen of in de brievenbus bezorgd worden. Ze spelt haar vaste lokale krant: De Toren, wekelijks van a tot z door. Voor de één betekent deze informatievoorziening  weinig, voor de ander is het een bron van informatie. Zo ook voor Anna, die centraal gelegen in Hardenberg woont. Wegen worden zo nu en dan afgesloten, bomen gekapt en ook het nieuws van omliggende verenigen vindt ze interessant om te lezen. “Bouwvergunning staan er bijvoorbeeld ook in, het is interessant om te weten wat er dan allemaal in de buurt gebeurt”, vertelt ze.

Dit is een aflevering in een serie over de voor en nadelen van de ja-ja-sticker, gemaakt door studenten van de School voor Journalistiek van Windesheim. De ja-ja-sticker zou de huidige stickers moeten vervangen en alleen mensen met die sticker zouden dan het huis aan huis blad nog krijgen.

Bladzijde na bladzijde wordt uitgeplozen. Puur om op te hoogte te blijven van wat er allemaal in de omgeving gebeurt en speelt. Eén keer per jaar is dit voor Anna extra belangrijk. Die ene keer per jaar wordt er in Hardenberg namelijk een wielerronde gehouden. “Dan worden er heel veel binnen- en buitenwegen afgesloten en onze weg hoort daar ook vaak bij”, vertelt ze. Voor Anna is het van belang om te weten welke wegen er dan wel en niet worden afgesloten. Al deze informatie haalt ze uit haar geliefde huis-aan-huiskrant.

Van een boom die gekapt wordt, tot aan de verkiezingen die plaatsvinden: elke gemeente in Nederland heeft de verplichting om haar burgers te voorzien van bepaalde informatie.

Bijna elk huis-aan-huisblad besteedt ongeveer 2 pagina’s aan gemeentelijk nieuws. In sommige bladen heeft de gemeente een eigen advertentiepagina, waar de gemeente zelf informatie kan plaatsen. Dit is onder andere het geval in De Swollenaer. “Het gaat voornamelijk om persberichten. We zouden graag meer onze journalistieke controlefunctie willen uitoefenen, maar daarvoor ontbreekt ons de capaciteit. Overigens bewerken we persberichten van de gemeente wel altijd. Zo maken we er neutrale berichten van en worden we geen PR-bureau voor de gemeente”, vertelt Erik-Jan Berends, redacteur van weekblad de Swollenaer. Naast deze persberichten besteedt de Swollenaer ook met enige regelmaat aandacht aan actuele zaken die spelen in de gemeenten.

Ook in het huis-aan-huisblad De Peperbus wordt veel informatie vanuit de gemeente geplaatst. “We brengen bijna wekelijks een gemeentepagina. De gemeente bepaalt zelf  de inhoud hiervan”, aldus Joop de Haan, Contentcoördinator bij de Peperbus en Veluws Nieuws.

De nieuwsvoorziening vanuit de gemeente is voor de meeste huis-aan-huisbladen  vergelijkbaar. Er zijn echter ook verschillen. Zo plaatst de gemeente Ommen tegen betaling wekelijks twee tot drie pagina’s gemeenteberichten in het Ommer Nieuws. “Daarnaast plaatsen wij nog nieuws waarvan wij denken dat het de lezer ook interesseert. Dus naast die officiële gemeentepagina’s, hebben wij nog minimaal één pagina over de gemeente. Dit kan over van alles gaan: van het bestrijden van de eikenprocessierups tot grondverkoop en jaarrekeningen. Maar ook artikelen naar aanleiding van een interview met bijvoorbeeld een wethouder of de burgemeester”, vertelt Simone Nanninga, eindredacteur bij Ommer Nieuws en de Oprechte Dalfser Courant.

De Oprechte Dalfser Courant heeft momenteel geen gemeentepagina’s, maar de redactie  verwacht deze in 2021 wel weer te hebben. “Het is een soort aanbesteding waarvoor een contract gedurende drie jaar wordt afgesloten”, aldus Simone Nanninga.

Er wordt dus veel informatie verspreid via huis-aan-huisbladen, maar wat gebeurt er als het huis-aan-huisblad eventueel in de toekomst zal ‘verdwijnen’, bijvoorbeeld door de invoering van de ja-ja sticker. Hoe komen mensen dan aan hun informatie?

In steeds meer gemeenten barst de discussie los of de ja-ja sticker ingevoerd moet worden. In sommige gemeenten, zoals Amsterdam en Utrecht, is het zelfs al ingevoerd. Wanneer je folders en het huis-aan-huisblad wil ontvangen moet je, in een gemeente met de ja-ja sticker, kiezen voor een ja-ja sticker. Als je geen sticker op je brievenbus of deur hebt, ontvang je dan ook helemaal niks meer. Het initiatief kwam van Johnas van Lammeren, fractievoorzitter van de Partij van de Dieren in Amsterdam, hij heeft als doel papierverspilling te voorkomen. De maatregel is op 1 januari 2018 in de hoofdstad ingesteld, waarna  meerdere steden volgden. Maar wat betekent dit voor de gemeenten en de informatie die de gemeenten verspreiden via de huis-aan-huisbladen? Niet iedereen is vóór de invoering van deze sticker. Sterker nog, er komt veel weerstand van onder andere lokale kranten en verenigingen. Het is een actueel probleem dat al enige tijd speelt, maar waar tot op de dag van vandaag nog geen oplossing voor gevonden is.

Volgens Roderic Rosenkamp, VVD gemeente Deventer, is de invoering van de ja-ja sticker geen optie. “Er is een landelijk systeem (ja-nee sticker) en dat werkt prima. Als je denkt dat dat landelijke systeem beter kan werken, moet je het ook landelijk gaan organiseren en niet lokaal”, aldus Roderic.

“Volgens mij spelen stiekem toch de huis-aan-huisbladen een belangrijke rol in de informatie voorziening”, aldus Roderic. Daarnaast is het volgens hem belangrijk dat nieuws op een laagdrempelige manier bij de mensen kan worden bezorgd en dit geldt volgens hem ook voor de advertentiekranten.

De kranten zijn niet alleen belangrijk voor de wat oudere doelgroep. Ook Mauritz Vizzini(50) slaat regelmatig het huis-aan-huisblad open. “Ik lees het blad om te weten te komen wat er in de gemeente speelt, zoals het cultureel aanbod, sport en evenementen,” vertelt Mauritz. Toch bekijkt hij ook de website van de gemeente voor gemeentelijke informatie. “Daar kijk ik op regelmatige basis, als ik bijvoorbeeld zaken nodig heb, die vanuit de gemeente worden gestuurd”, aldus Mauritz.

Naast het feit dat het huis-aan-huisblad voor sommigen een bron van plaatselijke en regionale informatie is, is er ook veel interesse in de gemeentelijke onderwerpen in huis-aan-huisbladen en andere lokale kranten, blijkt uit onderzoek van Nico Drok, Lector/Professor Media and Civil Society. “Over het algemeen hebben mensen interesse in maatschappelijke onderwerpen, en in alle maatschappelijke onderwerpen bevinden zich ook politieke en gemeentelijke delen”, vertelt Nico.

Uit het onderzoek blijkt er een sterk verband te zijn tussen de mate waarin respondenten zich verbonden voelen met een geografisch gebied (gemeente, streek, provincie) en de interesse die ze hebben voor nieuws over dat gebied. Het gevoel van verbondenheid met de streek blijkt het grootst te zijn, groter dan met gemeente of provincie.

De onderwerpen die binnen de streek vallen staan veelal in de huis-aan-huisbladen. “De onderwerpen kunnen ontzettend uiteenlopend zijn, van grote bezuinigingen tot bijvoorbeeld een bloemenactie in de binnenstad”, aldus Erik-Jan Berends, redactie weekblad de Swollenaer.

Bovendien is onderzocht hoe belangrijk de respondenten bepaalde nieuwsmedia vinden voor het verkrijgen van nieuws en informatie. Ook het huis-aan-huisblad is hierin meegenomen. Je ziet hierin ook de vergelijking met andere nieuwsmedia, zoals bijvoorbeeld het journaal, radio en social media .

Huis-aan-huisblad Frequentie %
Zeer belangrijk 79 7,3%
Tamelijk belangrijk 373 34,6%
Niet zo belangrijk 397 36,8%
Helemaal niet belangrijk 221 20,5%
Weet niet 8 7%
Totaal 1078 100%

Het huis-aan-huisblad heeft dus weldegelijk een rol in het verkrijgen van informatie en nieuws. Daarnaast heeft de onderzoeker Nico Drok ook gekeken naar de leeftijdsgroepen die het huis-aan-huisblad als belangrijke nieuwsbron zien. Hieruit blijkt dat vooral ouderen van  60 jaar en ouder dit een belangrijke informatievoorziening vinden, maar ook mensen vanaf 40 jaar.

Huis-aan-huisbladen zijn dus voor vele ouderen een belangrijke bron van informatie. Er wordt enorm veel gemeentelijke informatie verspreid via deze kranten. Toch zou de informatie ook op een andere manier kenbaar gemaakt kunnen worden, bijvoorbeeld online. Maar of je de huidige belangrijkste doelgroep dan bereikt,  is maar de vraag.  Het huis-aan-huisblad zal bovendien niet snel ‘uitsterven’ omdat veelal ouderen het blad lezen. Jongeren worden immers ook oud en dan wordt hun interesse vanzelf meer lokaal gericht. Mogelijk heeft een online versie de toekomst, maar vooralsnog heeft de papieren uitgave zijn charme niet verloren en is dit voor veel lezers toegankelijker. Uiteindelijk is het een vicieuze cirkel.

 

Het bericht Huis-aan-huisblad: nog steeds belangrijke bron van nieuwsvoorziening? verscheen eerst op Opinie in Salland.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie